Rij- en rusttijden

Vanuit de rijtijdenwet gelden de regels voor rij- en rusttijden. Op basis van deze regels wordt bepaald hoe lang een chauffeur mag rijden en hoelang hij moet rusten. Op deze pagina zetten we de rij- en rusttijden voor u uiteen:

Rij- en rusttijden: de dagelijkse rust

Het eerste dat we tegenkomen bij de rij- en rusttijden is de dagelijkse rust. De dagelijkse rust is de periode waarin de chauffeur geen werkzaamheden hoeft te verrichten en ook niet beschikbaar hoeft te zijn. De chauffeur kan tijdens zijn dagelijkse rust vrij over zijn tijd beschikken. Als de chauffeur de dagelijkse rust buiten zijn standplaats doorbrengt, moet hij volgens de regels voor rij- en rusttijden wel beschikken over een bed of een slaapbank.
Let op! De dagelijkse rust mag nooit in een rijdende bus of vrachtwagen genomen worden!

Lengte van de dagelijkse rust

In principe moet de dagelijkse rust minimaal 11 uur achter elkaar zijn. Maar tussen twee wekelijkse rusttijden mag 3 maal de dagelijkse rust verkort worden tot 9 uur. Deze verkorting hoeft niet gecompenseerd te worden. Daarnaast kan de dagelijkse rust ook in twee delen genomen worden: Het eerste deel moet dan tenminste 3 uur zijn en het tweede deel moet tenminste 9 uur zijn. Andersom (eerst 9 uur en dan 3 uur) mag niet. Deze dagelijkse rust in twee delen telt mee als een normale dagelijkse rust.
 

Hoe vaak moet de dagelijkse rust genomen worden?

Binnen 24 uur na het einde van de vorige rustperiode (dit kan een dagelijkse rust of wekelijkse rust zijn) moet de nieuwe dagelijkse rust periode zijn voltooid. Dus als een chauffeur op maandagochtend 08:00 uur klaar is met zijn wekelijkse rust, dan moet hij voor dinsdag 08:00 uur zijn volgende rust hebben voltooid.

Rij- en rusttijden: de wekelijkse rust

Het tweede onderwerp dat we bespreken op het gebied van rij- en rusttijden is de wekelijkse rust. De wekelijkse rust is een wekelijkse periode waarin de chauffeur vrij over zijn tijd kan beschikken.


Frequentie

In iedere twee weken moet een chauffeur tenminste twee wekelijkse rusttijden nemen. Een week duurt van maandag 00:00 uur tot en met zondag 24:00. Een wekelijkse rusttijd die in twee weken valt (bijvoorbeeld een rust van zaterdag tot en met maandag), mag maar in één van de twee weken meegeteld worden.

Maximale periode zonder wekelijkse rust

Tussen het einde van de vorige wekelijkse rust en het begin van de volgende wekelijkse rust mag maximaal 6 x 24 (=144) uur zitten. Langer is niet toegestaan, korter is geen probleem.

Hoe lang duurt een wekelijkse rusttijd?

Er zijn twee soorten wekelijkse rust:

  • een normale wekelijkse rust. Dit is een rust die tenminste 45 uur achterelkaar duurt;
  • een verkorte wekelijkse rust. De verkorte wekelijkse rust is korter dan 45 uur, maar tenminste 24 uur achter elkaar.

In iedere 2 weken moet minstens één normale en één verkorte wekelijkse rustperiode aanwezig zijn. Alleen twee verkorte wekelijkse rustperiodes is niet toegestaan. Twee normale wekelijkse rusttijden achter elkaar is altijd goed.

Compensatie van verkorte wekelijkse rusttijden

Wanneer gebruik gemaakt wordt van een verkorte wekelijkse rusttijd, dan moet het verschil met 45 uur gecompenseerd worden. Is de verkorte wekelijkse rust bijvoorbeeld 44 uur, dan moet u 1 uur compenseren. Duurt de verkorte wekelijkse rust 24 uur, dan moet u dus 21 uur compenseren.
Er zijn een aantal voorwaarden voor de compensatie:

  1. het tekort moet in één keer gecompenseerd worden;
  2. de compensatie moet aansluiten op een andere (dagelijkse of wekelijkse) rustperiode;
  3. de compensatie moet uiterlijk aan het einde van de derde week na de week met de verkorte rust genomen worden.

Hoe kunt u makkelijk controleren of uw wekelijkse rust goed is?

  1. In iedere periode van 2 weken heeft u minstens 2 wekelijkse rusttijden

  2. Tussen de wekelijkse rusttijden zit maximaal 6 x 24 uur
  3. In iedere periode van 2 weken heeft u tenminste:
    OF 2 normale wekelijkse rusttijden van minimaal 45 uur
    OF 1 normale wekelijkse rusttijd van minimaal 45 uur en een verkorte wekelijkse rust van tussen de 24 tot 45 uur
  4. Bij en verkorte wekelijkse rust heeft u het verschil met 45 uur binnen 3 weken in één keer alsnog genomen aansluitend op een andere wekelijkse- of dagelijkse rusttijd.

Rij- en rusttijden: de rij-tijden

Het laatste onderwerp dat we bespreken op het gebied van rij- en rusttijden zijn de rijtijden. De rijtijden bepalen hoelang een chauffeur in een bepaalde periode mag rijden.


Dagelijkse rijtijd

De dagelijkse rijtijd is de totale bij elkaar opgetelde gereden tijd tussen twee rusttijden. Een rusttijd kan een dagelijkse rusttijd zijn, maar ook een wekelijkse rusttijd. Het is dus niet de gereden tijd op 1 kalenderdag.
In principe is de dagelijkse rijtijd maximaal 9 uur. Maar tweemaal per week mag deze 10 uur zijn. Een week is van maandag 00.00 uur tot zondag 24.00 uur. De verlenging hoeft niet gecompenseerd te worden.


Wekelijkse rijtijd

De wekelijkse rijtijd is de totale bij elkaar opgetelde gereden tijd in een week. Een week is van maandag 00.00 uur tot zondag 24.00 uur. Een week is in dit geval dus niet de periode tussen twee wekelijkse rusten in. Per week mag maximaal 56 uur gereden worden.

2 Wekelijkse rijtijd

De tweewekelijkse rijtijd is de totale bij elkaar opgetelde gereden tijd in elke twee opeenvolgende weken. Een week is van maandag 00.00 uur tot zondag 24.00 uur. Deze 90 uur geldt ‘dakpansgewijs’. Dat wil zeggen dat je in week 1+2 maximaal 90 uur mag rijden, maar ook in week 2+3 en in week 3+4 enzovoort.

Ononderbroken rijtijd

De ononderbroken rijtijd is de totaal bij elkaar opgetelde gereden tijd tussen twee onderbrekingen in of tussen een rusttijd en onderbreking in. Deze rijtijd mag niet langer zijn dan 4,5 uur. Daarna moet die rijtijd onderbroken worden door een onderbreking van 45 minuten.
De onderbreking moet OF 45 minuten achter elkaar zijn OF mag worden opgesplitst in eerst 15 minuten en later nog eens 30 minuten. De regel van 3 x 15 minuten bestaat sinds 1 mei 2007 niet meer!
Na 45 minuten onderbreking staat de ‘teller weer op nul’ en kan er opnieuw 4,5 uur gereden worden. Ook als er na bijvoorbeeld 3 uur rijden een onderbreking van 45 minuten wordt genomen begint er een nieuwe periode waarin 4,5 uur gereden kan worden.
Als er na een rijtijd van 4,5 uur aan een dagelijkse of wekelijkse rust wordt begonnen, dan hoeft er niet eerst een onderbreking van 45 minuten worden genomen.

Dubbele bemanning

Als er twee chauffeurs op een voertuig zitten, dan wordt de tijd dat de tweede chauffeur naast de sturende chauffeur zit door de tachograaf als ‘beschikbaarheidstijd’ geregistreerd. Deze beschikbaarheidstijd telt WEL mee als onderbreking van de rijtijd! Een dubbelbemande vrachtwagen of autobus hoeft dus niet 45 minuten stil te staan na iedere 4,5 rijuren, maar er hoeft alleen maar gestopt te worden om van chauffeur (en bestuurderskaart of registratieblad) te wisselen.

Onderbreking (en pauze)

Officieel wordt er van een onderbreking gesproken, maar de meeste mensen hebben het altijd over een pauze. Tijdens een onderbreking mag er door de chauffeur niet gereden worden en mogen er ook geen andere werkzaamheden uitgevoerd worden. Een onderbreking dient uitsluitend om te rusten.

Overige pauzes

Niet alle chauffeurs zijn de hele dag aan het rijden. Sommige chauffeurs hebben zelfs zoveel andere werkzaamheden dat de 4,5 uur rijtijd per dag niet eens gehaald wordt. Om er toch voor te zorgen dat ook deze chauffeurs niet te lang achter elkaar werken is de volgende regel bedacht:
Als er meer dan 6 uur arbeid achter elkaar verricht wordt, dan moet er ook gepauzeerd worden. Arbeid is behalve rijden ook andere werkzaamheden zoals laden/lossen. De totale pauze op een dag moet minstens 30 minuten zijn als er op die dag tussen de 6 en 9 uur gewerkt wordt. Wordt er langer dan 9 uur gewerkt, dan moet er minstens 45 minuten pauze op die dag genomen worden. Deze pauzes mogen ook in stukken van 15 minuten genomen worden.

Rij- en rusttijden: Waar staan de regels?

De regels omtrent rij- en rusttijden zijn gebaseerd op de volgende wetten, verdragen en verordeningen:

  1. Arbeidstijdenbesluit vervoer artikel 2.5:3;
  2. EG verordening 561/2006 artikel 6;
  3. AETR artikel 6.

TachoByte GmbH

Voller Leidenschaft setzt sich TachoByte seit 2007 dafür ein, dass die fortschrittlichsten Telematiksysteme zur Unterstützung von Tachographen entwickelt und implementiert werden. Wir sind überzeugt von dem positiven Einfluss, den das TachoByte System auf die Effizienz Ihres Unternehmens haben wird.

Kontakt

TachoByte GmbH
Fabrikstraße 3
D-48599 Gronau
  02562 1893397

Elektronisches Fahrtenbuch

Accredis bietet für die vollautomatisierte Verarbeitung der Fahrdaten ein einzigartiges, höchst einfach zu handhabendes elektronisches Fahrtenbuch. Alle Daten werden gesetzeskonform und unter hohen Datenschutzvorkehrungen gespeichert.